Het gaat niet goed met de stadsvogelstand in Nederland. En toch lijkt er maar weinig te veranderen.
De Vogelbescherming heeft daarom een lijst met biologische en inheemse planten speciaal voor vogels gelanceerd, in de hoop dat meer mensen hun tuinen vergroenen en geschikt maken voor vogels. Help je ook mee?
Onderzoeken van Sovon liegen er niet om. De organisatie deed in 2022 voor de derde keer onderzoek naar de stand van tuin- en stadsvogels en publiceerde de Stadsvogelbalans 2022. Hieruit bleek dat met name vogelsoorten die kenmerkend zijn voor twee types groene leefomgeving in de stad hard achteruitgaan. Zo zijn vogels met een leefomgeving in tuin en park met 25% gedaald en vogels met een leefomgeving in struweel en struiken met meer dan 30%. Zorgwekkend, vindt ook Saskia Hausel, persvoorlichter bij Vogelbescherming Nederland.
Volgens Saskia is het grootste probleem voor tuinvogels de verstening. Er zijn veel te veel tegels en stenen en er is veel te weinig groen. Hierdoor gaat het geschikte leefgebied van veel vogels drastisch achteruit. “Vogels kunnen niet genoeg eten meer vinden en hebben geen plek meer om te nestelen”, legt Saskia uit. “Ze hebben beschutte plekken nodig, zoals een nestkast, struik of boom en een diversiteit aan planten om te kunnen eten. Door verstedelijking zijn er veel minder bessen, geleedpotigen en insecten om te eten. Ook de modernisatie van huizen en andere gebouwen heeft effect. Door nieuwe isolatie kunnen huismussen bijvoorbeeld niet meer nestelen in kieren en onder dakpannen.” Dat de huismus ieder jaar na de Nationale Vogeltelling op nummer 1 staat, betekent niet dat het goed gaat met de vogel. Sterker nog, volgens Saskia is de populatie huismussen sinds de jaren 70 met 60 procent gedaald. “Huismussen zijn altijd in groepjes. Als je er eentje ziet, zie je er al gauw een stuk of vijf, maar het gaat eigenlijk helemaal niet goed met ze.”
Eind april 2024 berichtte de NOS nog dat de helft van de 5,5 miljoen tuinen in ons land vol ligt met tegels. Uit datzelfde artikel blijkt echter ook dat veel Nederlanders wel bezig zijn met vergroenen. Zo blijkt uit een recent onderzoek vanuit Tuinbranche Nederland dat 30% van de 2.500 ondervraagden met ja antwoordt op de vraag of ze willen vergroenen. Nog eens 30% antwoordde met misschien. Positieve cijfers voor de vogels dus.
Er zitten enorm veel voordelen aan het vergroenen van je tuin, niet alleen voor jezelf, maar dus ook voor de vogelpopulatie. “Allereerst zijn vogels in je tuin gewoon heel erg leuk om naar te kijken”, vertelt Saskia enthousiast. “Het is ook bewezen dat vogelgeluiden, de aanblik van vogels en natuurlijk het zien van natuur in het algemeen positieve effecten heeft op je mentale welzijn.” Daarnaast zijn er nog een hoop redenen om je tuin te vergroenen volgens Saskia. “Vogels houden ook insectenpopulaties in evenwicht en zorgen er dus voor dat je niet te veel insecten in je tuin hebt”, legt ze uit. Handig, zo voorkom je dat je tuin zwart ziet van de muggen! Vogels verspreiden verder zaden door vruchten te eten en ze op andere plekken weer uit te poepen. Dit zorgt ervoor dat planten zich kunnen verspreiden en vermeerderen zonder dat ze met elkaar gaan concurreren. Zo helpen onze gevleugelde vrienden ook bij het voortbestaan van veel planten.
Meer planten in de tuin is dus enorm belangrijk om verschillende redenen, maar een willekeurige selectie aan planten in je tuin zetten, heeft niet zo veel nut volgens Saskia. “Veel planten die mensen in hun tuin zetten zijn exoten. Die zijn misschien heel mooi, maar ze trekken vaak niet de insecten aan die vogels eten en ze maken ook vaak geen zaden of bessen die vogels kunnen eten. Daarbij kunnen ze invasief zijn, waardoor ze al snel je tuin en soms zelfs gebieden daarbuiten over kunnen nemen. Dat verpest het ecosysteem.” Kies je voor inheemse planten, dus planten die van nature in Nederland thuishoren, dan kies je planten die bij het Nederlandse ecosysteem passen en waar Nederlandse tuinvogels dus ook echt iets aan hebben. Ze bieden nestgelegenheid en voeding, wat een paar kernwaarden zijn voor een goed leefgebied voor Nederlandse tuinvogels.
Het planten van inheemse planten is niet alleen goed voor vogels, maar ook voor allerlei andere organismen. Een grote groep dieren die inheemse planten nodig hebben om te overleven, zijn insecten. Inheemse planten zijn voor hen een directe voedselbron. Door verstedelijking, het verdwijnen van inheemse soorten en het gebruik van gifstoffen, hebben ook insecten het erg zwaar – en zij zijn een belangrijke voedselbron voor veel (tuin)vogels. Gaat het slecht met insecten, dan kun je een directe link leggen met de vogelstand in Nederland. Tuinen vol met inheemse planten trekken dus niet alleen meer vogels aan, maar ook insecten, en tuinen met veel insecten trekken weer veel vogels aan.
Wil je het hele artikel lezen? Bestel TuinSeizoen 01 dan nu online!
Zwarte randjes onder de nagels zijn normaal voor Tess Mutsters. Als journalist en enthousiast tuinier schrijft ze over alles wat groeit en bloeit. Tess is de bruisbal van ons team en houdt zelf ook van een tuin die bruist van het leven; waar vogels, bijen, vlinders en andere insecten hun plek vinden. Ook in haar moestuin voelt ze zich thuis en experimenteert ze graag met verschillende gewassen. Kattenstaart is haar favoriete plant, aardappelen haar favoriete gewas.
Laat een reactie achter