De beste planttijd voor hagen is het najaar. Het koelere, vochtige weer en de nog relatief hoge bodemtemperatuur zijn ideaal voor de ontwikkeling van de wortels. Als je de eenmaal weet wat voor soort haag je precies wilt, kun je aan de slag. Hieronder lees je hoe je een haag kunt planten in 10 stappen:

1. Bepaal met een hulplijn de plaats van de haag.

2. Graaf een 30 centimeter brede geul waarbij je de grond aan weerszijden van de geul gooit. Plant je een haag langs bestrating zorg dan voor een wat bredere geul met goede grond. Maak bij planten met kluit de geul 20 centimeter breder dan de kluit.

3. Maak de grond onderin de geul goed los en werk hier goed verteerde compost doorheen. Niet meer dan een derde deel van de grond mag uit compost bestaan. Ook moet de compost goed worden gemengd omdat anders de haarwortels kunnen verbranden. Let op: meng bij aanplant nooit mestkorrels (zowel kunstmest als organische mest) door de grond; ook dit kan funest zijn voor de haarwortels.

4. Meng ook compost door de uitgekomen grond aan weerszijde van de geul.

5. Knip bij haagplanten met kale wortel met een scherpe snoeischaar beschadigde en gebroken wortels af. Haal containerplanten uit hun pot en maak de kluit wat losser zodat de wortel niet in de potkluit blijven groeien.

6. Leg of zet de planten op de juiste afstand uit langs de geul. Door zon en wind drogen de kale wortels van plantgoed snel uit. Haal daarom de planten pas uit de plastic zak als je ze in de gleuf gaat uitleggen. Plant daarom ook een lange haag in gedeeltes aan zodat de wortels zo kort mogelijk bloot liggen.

Lees meer  Pioenen, planten om te zoenen

7. Spreid bij planten met kale wortel (zoals liguster en beuk) de wortels uit in de geul. Zorg dat iemand anders de planten zodanig vasthoudt dat ze op de juiste afstand en plantdiepte* staan, terwijl je de geul dichtgooit. Tijdens het dichtgooien moeten de planten recht worden getrokken.

8. Trek zo nodig een paar keer lichtjes aan de plant om te zorgen dat de grond goed tussen de wortels komt en druk de grond rondom de voet stevig aan.

9. Geef meteen na het aanplanten flink water. Ook hierdoor zal de aarde goed rondom de wortels terecht komen.

10. Snoei (met uitzondering van coniferen) de haag direct na aanplant om een mooie, dichte haag te krijgen. Ook wordt hierdoor de verdamping beperkt waardoor de planten sneller aanslaan. Snoei liguster flink terug, tot een derde boven de grond. Knip van beuk en haagbeuk een derde deel van de hoofdtakken en dikke zijtakken af. Snoei wintergroene haagplanten zoals laurierkers en taxus lichtjes terug.

* De juiste plantdiepte is dezelfde diepte als waarop de planten op de kwekerij hebben gestaan; dit is te zien aan de verkleuring op de stam. Zet u de planten dieper dan zal het deel van de stam dat onder de grond terecht komt gaan rotten. Ook zal dieper onder de grond de wortelgroei slechter zijn omdat daar minder bodemleven voorkomt.