Waterplanten zijn niet alleen mooi, ze zijn ook zeer nuttig. Sommige soorten zuiveren het water, andere leveren zuurstof, zorgen voor schaduw of een begroeide oever. Alle vier hieronder genoemde groepen zijn onmisbaar voor een goed biologisch evenwicht, maar kleden ook de vijver prachtig aan.

1. Oeverplanten groeien graag in ondiep water. Ze bloeien mooi en hebben vaak schitterend gevormd blad. Via hun wortels halen ze voedingsstoffen uit het water en omdat algen en wieren hierdoor geen kans krijgen, houden ze het water helder. Er zijn tientallen mooie soorten, zoals de grote gele dotterbloem (Caltha palustris ’Polypetala’), moerasiris (Iris laevigata), gele lis (Iris pseudacorus), blauw snoekkruid (Pontederia cordata), lisdodde (Typha) en zwanenbloem (Butomus umbellatus)

2. De zuurstofplanten of ondergedoken waterplanten zijn onmisbaar, omdat ze via hun blad zuurstof aan het water afgeven. Daardoor kunnen dieren in de vijver leven, maar worden ook afvalstoffen snel afgebroken. Deze planten zweven vaak los in het water zonder te wortelen. Bekende soorten zijn waterpest (Elodea), fonteinkruid (Potamogeton) en hoornblad (Ceratophyllum).

3 .De vijverplanten die in de bodem wortelen maar hun bladeren op het water laten drijven, vormen de derde groep. Hierbij horen de prachtige waterlelies (Nymphaea) en plompen (Nuphar). Hun bladeren zorgen voor schaduw waardoor de watertemperatuur niet zo oploopt, terwijl vissen zich eronder kunnen verschuilen. Dezelfde functie hebben de zogenaamde drijfplanten, zoals de prachtig blauw bloeiende waterhyacint (Eichhornia) en het mosselplantje (Pistia).

4. Tot slot zijn er de moerasplanten en soorten voor een natte oever, die de vijver kunnen omzomen of in een apart moerasje kunnen groeien. Een paar voorbeelden: rietorchis (Dactylorhiza), kievitsbloem (Fritillaria), Houttuynia, irissen en maskerbloem (Mimulus). Er zijn nog veel meer planten die van vochtige grond houden, zodat je er ook een apart biotoopje mee kunt aanleggen.

Lees meer  Bloembollen in klassieke tuin