De pompoenfamilie bevat veel smakelijke soorten, zoals courgettes en pompoenen. Ook zijn er soorten voor de sier, zoals de sierpompoentjes en fleskalebassen. Courgette en pompoen kweken is niet moeilijk, maar vraagt wel om wat ruimte. Je kunt plantjes kopen bij het tuincentrum of ze opkweken uit zaad.

Stap 1: Courgette en pompoen kweken: kies zonnig plekje

Courgettes en pompoenen kweken doe je bij voorkeur op een zonnig en beschut plekje in je tuin, dat geeft de meeste kan op succes. Werk daar lekker veel compost door de grond want pompoenen en courgettes zijn echte veelvraten. Om die enorme vruchten te kunnen produceren hebben ze veel mest nodig. Een plek op de composthoop is daarom de ideale plaats voor deze planten.

Stap 2: Zaaien van courgette en pompoen

Wil je courgettes en pompoenen buiten zaaien? Doe dit dan pas ná half mei, ze houden echt van warmte. Binnen voorzaaien kan al vanaf april. Vul een bakje met nieuwe zaaigrond en leg 1 of 2 zaden erin. Druk ze aan en bedek de zaden met 2 cm grond. Druk die ook aan en maak met een plantensproeier de grond vochtig. Zet ze daarna onder een kapje op een warme plek (tussen de 20-25 graden), bijvoorbeeld op de vensterbank. De zaden kiemen vrij snel. Zijn ze eenmaal boven de grond, zet de plantjes dan op een lichte plek (maar uit de felle middagzon). Ze groeien snel, dus waarschijnlijk moet je ze nog eenmaal verpotten.

Courgette en pompoen

Stap 3: Planten

Na één tot twee weken zijn de planten groot genoeg om buiten uit te planten. Doe dit in de tweede helft van mei als de kans op nachtvorst is geweken. Vul een ruim plantgat met compost en zet het jonge plantje er in. Druk de grond rondom goed aan en geef water. Zet de planten op ongeveer 1 m afstand van elkaar, want pompoenen en courgettes hebben veel ruimte nodig!

Lees meer  Nieuw magazine De Tuin op Tafel

Stap 4: Verzorgen tijdens het opkweken

Geef heel veel water, zeker wanneer de planten bloeien en de vruchten zwellen. In droge perioden vragen de planten wel 10 liter water per week. Eventueel kun je de grond rondom de planten afdekken met een mulchlaag of antiworteldoek om de verdamping te beperken. Tuinier je op lichte zandgrond, dan mag je tussendoor een keer bijmesten.

Bij courgette en pompoen kweken komt bestuiving kijken. Insecten zorgen daar meestal voor maar tijdens een koude, natte zomer laten ze het wel eens afweten. In dat geval kun je zelf de bestuiving ter hand nemen door de meeldraden van een mannelijke bloem over de stempel van een vrouwelijke bloem te wrijven. De vrouwelijke bloemen zijn te herkennen aan een zwelling onderaan de bloem. Doe dit ’s ochtends, want de bloemen gaan ’s middags dicht.

 

courgette en pompoen kweken

 

Stap 5: Oogsten van courgettes en pompoenen

Courgettes en patissons groeien snel uit tot oogstbare exemplaren. De jonge vruchten smaken het lekkerst dus laat ze niet te lang aan de plant zitten. Courgettes kun je van de plant snijden als ze 25 cm lang zijn. Patissons oogst je als ze een diameter van 15 cm hebben. Bewaar ze koel en eet ze binnen twee weken op. De plant zal voortdurend nieuwe vruchten vormen.

Pompoenen oogst je pas in het najaar. Het juiste moment om de pompoen te oogsten is als het vruchtsteeltje bruin wordt door verkurking. Vaak ontstaat er dan ook een barstje rond de vruchtsteel. Knip de pompoen met een snoeischaar los en zorg ervoor dat het vruchtsteeltje zo lang mogelijk is. Pompoenen kun je op een koele plaats een paar maanden bewaren, maar controleer regelmatig of ze niet gaan rotten.

Lees meer  Vijgen oogsten in eigen land

Smaakvolle rassen

Weet je nog niet welke pompoenen en courgettes je wilt kweken? Ter inspiratie zetten we een paar smaakvolle rassen op een rij:

Uchiki Kuri – een mooie, dieporanje pompoen die zeer geschikt is voor in de soep.
Butternut Cobnut – een wat langwerpige, gele pompoen met een nootachtige smaak.
Courgette Ambassador – vormt geen ranken en kun je dus in pot laten groeien. De bloemen zijn ook eetbaar!
Patisson – heeft een grappige vorm die wat lijkt op een vliegende schotel. De smaak lijkt op die van courgette. Patisson is meestal wit, maar soms ook geel of lichtgroen.

 

Bekijk hier meer tips bij het voorzaaien van groentenbloemen en kruiden.